Torpedo’s en Geluidsboxen: Een Interview met Theaterstraat

theaterstraat2

Sinds de oprichting in de jaren zeventig hebben de leden van Theaterstraat een ontelbaar aantal buurtfeesten en demonstraties bijgestaan. Ze kwamen in grote rode vrachtwagens met speakers, podium, gereedschap en een lading technische kennis.

Ze hergebruikten spullen om alles zo goedkoop mogelijk te houden. Twee maanden geleden is hun loods op industrieterrein De Heining, aan de rand van Amsterdam, afgebrand. Nanda en Reinier kijken terug op bijna vier decennia Theaterstraat en hoe dat nu verder moet. Simpel eigenlijk: “Doe wat.”

“Je komt ongelegen,” is het eerste wat Nanda zegt. Het is een warme februarimiddag, tussen zakken beton door lopen vrijwilligers die het dak repareren of schotjes neerzetten voor een richel die om de loods heen loopt.
“We willen net beton klaarmaken voor in de richel,” legt Nanda uit.
“Nou, het is al best laat hoor,” zegt Reinier, “als we nu met beton beginnen dan wordt dat krap vanmiddag.”
“Hè, ik wil al de hele week storten,” zegt Nanda terwijl ze haar overal uittrekt. Onderweg naar de keuken komen we langs het lege terrein waar vroeger geluidsapparatuur en podiumspullen stonden. Twee maanden geleden is er brand uitgebroken in een naburige loods en toen de brand oversloeg is bijna al het materiaal van Theaterstraat verwoest, inclusief het archief met foto’s van de begintijd. Alleen de grote rode vrachtwagens zijn er nog. Nanda, Reinier, en de andere vier mensen van Theaterstraat zijn al weken bezig om, samen met vrijwilligers, de loods weer op te bouwen. Er is benefiet na benefiet, iedereen wil ze steunen. Hoe heeft Theaterstraat dat respect opgebouwd? En waar halen ze zelf de motivatie vandaan? Terwijl de keuken in de zolder van de loods langzaam door de ondergaande zon oranje kleurt, beantwoorden Nanda en Reinier vragen over meer dan veertig jaar actievoeren. Er is koffie en thee uit grote thermosflessen. Af en toe lopen er vrijwilligers binnen die naar huis gaan. Nanda roept dan “dag hè!” en “dank je wel hè!” en pakt de draad van het gesprek feilloos weer op.

Reinier begint: “Héél lang geleden, ergens begin jaren ’70 had je de Aktie Tomaat, en dat was een actiegroep die vond dat theater te elitair was. Ze wilden het toneel terug naar de straat te brengen.”
“Er werd met tomaten gegooid,” verduidelijkt Nanda.
“Uit Aktie Tomaat, is een groep begonnen met het Zomer Straattheater,” vervolgt Reinier. “Die groep maakte theaterstukken over de problemen die er in een buurt waren. Dat deden ze samen met de buurtbewoners, met de verhalen van ome Joop en huppeldepup.”
“Buurtfeesten, festivals, tentoonstellingen, video’s, ze deden van alles” zegt Nanda.  Zelf werkte ze in die tijd voor het stAUT kindertheater, de Stichting Amsterdams Universitair Theater. “We wilden kinderen de ervaring meegeven dat de wereld wél veranderbaar was,” legt Nanda uit. Af en toe werkte ze samen met het Zomer Straattheater. “Zo hebben we elkaar ontmoet en zo ben ik ook hen gaan helpen.”

Hoewel het Zomer Straattheater aanvankelijk gesubsidieerd was, raakte de organisatie die subsidie kwijt. Reinier: “Bij zo’n buurtfeest of theater moest er weleens een weg afgesloten worden, dat deden we dan met grote kunstwerken, namaakolifanten bijvoorbeeld. Maar de gemeente vond dat niet heel fijn. Ons werd toen verteld dat we geen materialen meer in bezit mochten hebben, want daar was de subsidie niet voor. Daarom hebben we in 1976 de stichting Theaterstraat opgericht, daar konden dan de spullen naartoe. Theaterstraat was een stuk politieker, dus die spullen gebruikten we vervolgens bij demonstraties en acties. Een van de eerste acties was bij de metrorellen rondom de Nieuwmarkt. We hadden onze geluidsboxen in huizen in de buurt neergezet. Via die boxen werden teksten gebruld. Als er agenten zo’n huis binnenkwamen, werden de boxen snel omgegooid, een plant erop en een kopje koffie. En dan zeiden de bewoners: “Wat is er heren?” Dat soort grappen en grollen.” Later volgden de Chilidemonstratie van 11 september op het Museumplein, ‘Stop de Neutronenbom’ en vele kraakacties.

theaterstraat3“De Shellblokkade rond Afrika in 1987 vond ik een van de mooisten,” zegt Nanda. Dat was bij het grote Shellkantoor. We hebben uiteindelijk niks geblokkeerd, dat vond ik wel jammer. Het was meer een spektakelblokkade, met theater enzo. We hadden er maanden naartoe gewerkt.” “Een van de voorbereidingen was in een vol Paradiso,” voegt Reinier toe. “Dat was heel grappig, want de politiescanner luisterde die bijeenkomst natuurlijk af. Op een gegeven moment hadden we het erover dat de vrachtwagen van Theaterstraat handig zou zijn voor de actie. Dat was een DAF Torpedo. ‘De Torpedo is wel handig voor deze actie,’ zeiden we. En de politie had dat opgevangen. Nou, allemaal waterbootjes van de politie over het IJ, totale paniek: ‘De torpedo is gekomen, de torpedo!’ Maar dat was gewoon onze vrachtwagen, dat model heette zo.”

Theaterstraat ging bij steeds meer demonstraties niet alleen de spullen, maar ook de techniek verzorgen. “Techniek is vaak iets magisch voor mensen,” zegt Nanda. “Andere technici doen dan [ze zet een bulderende lage stem op]: ‘Ja dat is heel ingewikkeld’. Terwijl wij juist denken: techniek is niks, dat doen wij wel. Dan durven mensen ook iets van ons te leren.”
Hoe leerden ze zelf die techniek? Reinier: “Niet gestoord door enige kennis van zaken, gewoon gaan doen. Je leert met kleine stapjes. Het leuke is dat je telkens aan het verzinnen bent. Bij een bezetting van een landingsbaan bedenk je bijvoorbeeld hoe je met sloten mensen aan elkaar vast kunt binden. Maar daar komt ook licht bij kijken, zodat er geen vliegtuig over de actievoerders heen rijdt. Of je bedenkt hoe je een toren beklimt, met een stellage die je in kleine stukjes aanvoert. En hoe die na het klimmen ook weer weg kan, zodat er geen agent meer bij kan. Verzinnen, hoe je een terrein binnenkomt en over een sloot springt.”
De combinatie techniek en actievoeren bleek onverwacht goed uit te pakken: “Als je ergens met gereedschap aan komt zetten,” zegt Nanda, “dan kom je echt overal binnen. ‘Wij zijn van de techniek’ – en ze laten je door.”

Er zijn ook acties die ze weigeren. Zo doet Theaterstraat niks commercieels. “Dat zeggen we dus ook tegen politieke partijen,” zegt Reinier, “‘We doen niks commercieels’.” Nanda lacht. Reinier: “Ja, maar het is toch zo, ze zijn misschien met idealen begonnen, maar ze handelen toch vaak ter meerdere eer en glorie van zichzelf.” Nanda: “Een ingewikkeld decor bouwen voor een fotomoment, dat vinden we ook betekenisloos.” Reinier: “Wij vinden altijd dat een actie door mensen gedaan moet worden. Want met z’n allen ben je ergens boos over en dat wil je laten zien. Dan moet je dus ook die mensen laten zien. En een beetje dwars liggen. Je kunt wel, als je tenminste geld hebt, zestien betonmolens bestellen, en die ergens laten leegstorten. Maar dat zegt niks, dat is alleen maar geld wat je dan laat zien. Het moet vanuit de mensen komen.”

Is er weleens iets fout gegaan in al die jaren actievoeren? Ze moeten even nadenken. Dan zegt Reinier: “Volgens mij was het in 1980 met de grote rellen rondom de kroning. Toen stonden wij in het Sarphatipark. We hoorden dat er paarden over demonstranten waren heengelopen. We zijn gelijk met zo’n honderd man in onze bus gesprongen en daarnaartoe gereden. Maar net voor het Museumplein, bij Huize Lydia, daar is zo’n grote bocht, en daar reed ik door en toen dacht ik wel ooooooh….. En inderdaad hing de bus later een beetje door z’n veren heen. Op dat moment was het even nodig, maar het betekent wel dat je naderhand aan het schroeven bent om een nieuwe veer eronder te gooien. Maar er is nooit iets echt misgegaan. Het punt is dat alles wat wij doen, dat doen we voor de eerste keer. Misschien doe je het zes jaar later weer, maar dan is het wéér alsof het de eerste keer is. Je aandacht is dan anders. Dingen gaan pas fout als je het voor de drieduizendste keer staat te doen terwijl je te moe bent.”

theaterstraat5

Theaterstraat werkt anno 2014 met z’n vieren, soms zessen. In principe doet iedereen alles bij Theaterstraat, en dat gaat prima. Zelfs vlak na de brand deden ze alweer geluid op een paar plekken. Maar willen ze niet uitbreiden? Reinier: “Ja, over een jaar of tien begin ik ernstig te kraken aan alle kanten, dan moeten er wel jonkies zijn die de handel overnemen. We hebben meerdere keren geprobeerd om verse groepen te betrekken. Tot nog toe is dat niet gelukt. De meeste mensen moeten tegenwoordig hard werken om een fatsoenlijk inkomen te verzorgen, dan heb je weinig tijd voor zoiets als dit.”
Nanda: “We hebben er wel eens over gedacht om geld te verdienen met het verhuren van spullen. Maar dan kunnen we initiatieven met weinig geld niet meer steunen, dus dat hebben we uiteindelijk toch niet gedaan.”

Hoewel Theaterstraat ooit was begonnen omdat er spullen over waren, hebben ze, op het moment dat ze bijna veertig jaar later hun spullen verloren, niet gedacht over stoppen, of tenminste, niet echt. Nanda: “Toen we hier op de ochtend na de brand aankwamen en zagen dat we alleen die bussen nog hadden, toen dachten we dat we voortaan alleen nog maar zouden rijden. Dat dat het dan was. Maar toen stonden er meteen tien mensen naast ons: ‘eeuh wanneer gaan we beginnen met bouwen?’ Sindsdien is het zo gegaan.”
Reinier: “En maar door.”

Willen ze af en toe niet gewoon uitrusten van het werk en het verlies door de brand? “Het is wel zo,” zegt Nanda, “dat we voor de brand onze materialen op orde hadden. Toen wisten we precies waar we van op aan konden. Nu moeten we weer opnieuw alles opbouwen en uitvinden. Daar zal wel stress bij komen kijken, dat hebben we lang niet gehad. Maar nee, we willen het echt afmaken.”
Reinier: “Twee dagen niks doen is wel lekker, maar dat is het ook wel.”

Zijn er dingen die ze altijd al met Theaterstraat wilden doen, maar nooit de kans toe hebben gehad? “Revolutie!” roept Nanda meteen. Ze licht toe: “Dat het echt effect heeft wat je doet. Begin jaren tachtig was er nog een sfeer van ‘we kunnen het winnen’. Tegenwoordig heb ik het gevoel dat het wel goed is wat we doen, maar dan vooral omdat het heel erg is als er niks gedaan wordt. Soms voelt het alsof we achteruitwerken. We voeren discussies van twintig jaar geleden. Wéér komt er een voorstel om het minimumloon op te heffen, wéér ligt dat plan er voor een snelweg door een natuurgebied. Die partijen hebben meer geld en macht, en daardoor dus meer tijd. Zij denken gewoon: ‘proberen we het over tien jaar weer.’ Maar wij willen invloed op onze eigen omgeving houden, en andere mensen helpen die dat doen.”
Reinier: “Precies: doe wat!”

theaterstraat4
Zaterdag 15 februari 2014 is er een benefiet voor Theaterstraat in OCCII en zondag 16 februari in Zaal 100. Op 31 augustus 2014 is er een benefiet in Paradiso met optredens van The Ex en De Kift.
Lees hier updates over de verbouwing van Theaterstraat.

(This article is available in Dutch only)

Comments are closed.